Dit meldt het Algemeen Dagblad op basis van een recent vonnis uit 2025. De zaak, die al sinds 2011 speelt, draait om een dubbele verkoop waarbij twee partijen zich eigenaar waanden van het restaurant.
Twee kopers
Brasserie Braque stond in 2011 te koop omdat eigenaar Museum Catering Den Haag de zaak niet langer rendabel achtte. Adhoc Horecamakelaars werd ingeschakeld om de verkoop te begeleiden. Op 19 augustus van dat jaar werd een akkoord bereikt met Rootz, een Haagse horeca-exploitant. Dat was voor een overnameprijs van 75.000 euro. Dit werd om 14.40 uur per e-mail door Adhoc bevestigd.
Wat Rootz niet wist, is dat twintig minuten eerder, om 14.14 uur, Adhoc ook een e-mail had gestuurd naar een visverwerkingsbedrijf. Daarin werd meegedeeld dat diens bod van 50.000 euro was geaccepteerd, onder voorbehoud van enkele voorwaarden. Later die middag gaf het visbedrijf officieel akkoord op de aankoop, wat betekende dat het restaurant twee keer verkocht was. Beide partijen claimden vervolgens het eigendom, wat leidde tot juridische procedures en beslaglegging op het pand.
Juridische strijd
Na maandenlange onderhandelingen werd uiteindelijk een schikking getroffen. Daarbij zag het visbedrijf af van de overname in ruil voor een compensatie van 68.425 euro. Rootz kon het restaurant alsnog openen onder de naam Rootz Harbour, maar pas op 14 maart 2012.
In 2017 oordeelde de rechter, zo schrijft het AD, dat Museum Catering een schadevergoeding van 56.153,83 euro aan Rootz moest betalen vanwege misgelopen inkomsten en juridische kosten. Museum Catering probeerde dit bedrag vervolgens te verhalen op Adhoc Horecamakelaars, wat leidde tot een nieuwe rechtszaak.
Tekortgeschoten
Pas in 2025 volgde de definitieve uitspraak: Adhoc Horecamakelaars is tekortgeschoten en moet een schadevergoeding van 180.640,10 euro plus rente betalen aan Museum Catering. De rechter erkende dat de makelaar onzorgvuldig had gehandeld door twee verkoopovereenkomsten op dezelfde dag te bevestigen.